Hoe voorkom je dat je creatieve oplossing een schone dood sterft?

COCD Advanced program blok 4


Femke Deckers, deelnemer van het COCD Applied Creativity Advanced Program, editie 2018-2019, deelt wat ze leert, wat haar bezighoudt en welke inzichten ze opdoet in deze opleiding. Dit is het vierde deel van zes artikelen waarin Femke verhaalt over haar ervaringen.


Na een vruchtevolle sessie, heb je daar de creatieve oplossing waar je zo trots op bent. En dan begint het werk pas écht: De Grote Implementatie. Implementeren, ik vind het nogal een rotwoord. Het klinkt als soort van implantaat dat je in een gebit schroeft (je voelt ook bijna de pijn zelfs). Het is ook de fase waar mensen vaak de grootste vraag bij hebben: ‘Ja tof, deze cursus Design Thinking! Maar uh, HOE dan? Hoe krijg ik mensen mee in mijn oplossing, en realiseren we deze ook daadwerkelijk?’

In blok 4 van het Applied Creativity Advanced Program dat ik volg, kwamen we aan bij de volgende, misschien wel belangrijkste fase uit het CPS-model (al is natuurlijk elke stap relevant): hoe creëer je acceptatie voor je oplossing (stap 5), en zet je het om in actie? (stap 6). Want Creative Problem Solving (CPS) gaat niet alleen om het vinden van een creatieve oplossing, maar ook om het daadwerkelijk oplossen, oftewel: doen!

COCD Advanced program blok 4


Lekker verkeerd doen = veel leren
Maar eerst dit. Elk blok, start met een ‘teach-back’: een paar mensen herhaalt in een sessie van 1,5 uur, met zelfgekozen werkvormen, de inhoud van het voorgaande blok. Om elkaar weer even alert en scherp te krijgen op de inhoud. Dit keer hielp ik mee met de teach-back, en wat is een mooiere manier van leren door de mist in te gaan?

Normaliter bereid ik voor klanten mijn sessies minitieus voor. Ik visualiseer iedere stap en test thuis aan de keukentafel of de werkvormen goed op elkaar aansluiten.

Ik ervaarde echter tijdens deze avond, wat er gebeurt als ik NIET goed voorbereid een sessie inga. Improviseren (en charme en humor) werkt blijkbaar alleen werkt goed als mijn voorbereiding in principe perfect is. De opdrachten die ik de groep gaf waren niet duidelijk genoeg, halverwege corrigeerde ik de volgorde ervan en ik vroeg te vaak om toestemming aan de groep. Resultaat: verwarring. En gekromde tenen bij onze coördinator. Dit was dus hoe het niet moest. En dit is PRECIES wat ik hoopte te leren toen ik mij opgaf voor deze opleiding! Een veilige groep, waarin ik in alle openheid fouten kon maken, en het vak faciliteren en CPS op dieper niveau kon oefenen. Het is een cliché, en daarom vaak waar: pas als je fouten maakt leer je. Wat een topavond was dit zeg.

COCD Advanced program blok 4


Kracht, risico en je hulpbronnen!
Zou jij je auto groen verven als je het er niet mee eens was? Ik denk het niet. Wil je dus actie in je organisatie, dan moeten mensen eerst je idee accepteren. En acceptatie begint met: weet je zelf al wat de kracht van het idee is? Wat de risico’s zijn? Hoe je deze risico’s kunt ombuigen? Wie de positieve en negatieve hulpbronnen zijn voor de realisatie van je idee? En ook: hoe je je idee op aansprekende wijze ‘verkoopt’?

De meer dan 20 creatieve instrumenten die ik kreeg aangereikt, zijn teveel om op te noemen in één blog. Ik zou kunnen schrijven over het Business Model Canvas, het visualiseren van het actieplan, het metaforisch dashboard, de energizers, het labyrinth, de pitches, Design Thinking en alles wat we in die twee dagen praktiseerden. Maar hieronder een kleine selectie van wat ik opstak!

COCD Advanced program blok 4


PPCO
Het was heel prettig dat een van de cursisten een actuele casus uit eigen praktijk had waar we gelijk mee aan de slag konden. Middels de PPCO-matrix (Plus, Potential, Concerns en Overcomes)-matrix breng je al heel mooi in beeld op welke punten je het idee goed over de bühne kan gooien, en tegelijk waar de gaten of risico’s zitten, oftewel: wat er potentieel voor zorgt dat het idee die schone dood sterft. Op de concerns kun je mooi al inspelen in je pitch voor acceptatievergroting, en daarvoor al vooraf concrete oplossingen bedenken.

COCD Advanced program blok 4


Assistors & Resistors
Maar dat is het idee. Dan de mensen. De omgeving. Je hebt altijd voorstanders (assistors) en tegenstanders (resistors). Alleen al het verkennen van de omgeving waarin dit idee moet rijpen en het levenslicht moet zien, is al een zeer inzichtelijke activiteit. Wie zijn de stakeholders? De twee eenvoudige visuele wolken en lijstjes, geeft al gevoel bij de slaagkans, maar vooral: wie (resistor) heb je nog voor je te winnen, en wie (assistor) kan jou hier mogelijk bij helpen? Het klinkt echt als een open deur, maar hoe vaak slaan we deze stap niet over?

Stakeholdermatrix
Mensen zijn nooit 100% vóór of 100% tégen. Met een stakeholdermatrix kun je gevoel krijgen bij hoe stakeholders zich verhouden tot het idee: ‘negatief (–)‘, ‘neutraal (0)’, of ‘positief (+), mits… (vul maar in)’, en dit ‘vul maar in’, is precies wat je gaat invullen na een stakeholdermatrix. Wat moet je aan je idee veranderen, of wat is er voor nodig, om bij stakeholders een positieve attitude t.o.v. je idee op te roepen?

Ben jezelf je grootste vijand?
Het zijn nog best wat stappen, zo na het ontwikkelen van je concept. De omgeving is ook zó ontzettend belangrijk. De oefeningen die we leerden, zijn eigenlijk no-brainers. Maar grappig genoeg zijn dit stappen die ik vaak, in de vaart der volkeren, vanuit eigen (te grote?) enthousiasme, gebrek aan tijd, drang tot actie, angst voor afwijzing, you name it, oversla. Eigenlijk zonde, want juist in deze, toch echt niet ingewikkelde exersities, zit de sleutel van de lade waar je juist NIET wilt dat je creatieve oplossing in verdwijnt!

Wees tolerant voor risico’s, en denk tactisch
Elke stap van het CPS-model komt met een specifieke gevoelstaat en denkstaat. Bij fase 6 bijvoorbeeld is de Gevoelstaat: Wees tolerant voor risico’s. Denkstaat: Denk tactisch.

COCD Advanced program blok 4


Die denk-en gevoelsstaat van fase 6, helpen mijn om me te blijven realiseren dat niet alles 100%, van A-Z perfect kan en zál gaan, in de uitvoering. Het is belangrijker een mindset te behouden, dan dat je precies op dat ene bedachte plekje in de branding uitkomt met je boot (wat waarschijnlijk toch niet gebeurt, want golven en bootbestuurders zijn grillig en onvoorspelbaar). Het hanteren van een ‘denk-en gevoelstaat’ dwingt mij tot keuze voor een bepaald type gedrag: elke stap in CPS vraagt nu eenmaal om een andere houding.

Klinkt vaag? Is het ook een beetje. Het is nu pas, bij blok 4, dat dit concept enigszins tot me begint door te dringen. Het is ook precies op dit niveau waar ik graag op groei: technieken en instrumenten zijn handig en noodzakelijk, maar weten wat je gedrag en mindset is in een situatie, is voor mij veel waardevoller. Het schept orde, niet alleen in al die werkvormen die je wel of niet kunt inzetten, maar vooral ook in mijn soms chaotische gevoelsleven en drukke brein. Ik hoef niet in élke stap alles tegelijk te zijn, en ook niet te doen. En dat lucht op zeg.

Met dit blok 4 is de CPS-cirkel rond, en blok 5 (het volgend blok) gaan we door naar een verdieping op de materie. Ik ben benieuwd!

PS. De tekening van het PPCO en de Matrix in dit blog is gemaakt door mijn mede-cursist en visueel verslaggever in onze groep: Saskia van Langeveld. Heel leuk!